Search for a command to run...
In april - mei 2024 is door Aeres Milieu een archeologisch bureau- en verkennend booronderzoek uitgevoerd aan de Nieuwe Velderweg 8 te Mariaheide (gemeente Meierijstad). Aanleiding voor het laten uitvoeren van dit archeologisch onderzoek betreft een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. De diepte van de toekomstige bodemverstoring is op dit moment onbekend, maar uitgaande van een standaard funderingsdiepte zonder onderkeldering, zal de bodemverstoring tot ten minste 80 centimeter (vorstvrije diepte) beneden maaiveld reiken. De verwachting is dan ook dat bij het uitgraven van de bouwputten, ten behoeve van de voorgenomen nieuwbouw, de bodem tot in het archeologische niveau verstoord zal worden en eventueel aanwezige archeologische waarden daardoor verloren zullen gaan. De onderzoekslocatie ligt volgens de Archeologische Beleidskaart van de gemeente Meierijstad (2022) deels in een zone Categorie 2 ‘AMK-terreinen, gemeentelijke monumenten, conflictarcheologie en gebufferde historische elementen’ en deels in categorie 4 ‘verwachting op jagers en verzamelaars, vroege en late landbouwers en staatsesamenleving’ Voor categorie 2 geldt een onderzoeksplicht bij bodemingrepen met een oppervlakte groter dan 50 m2 en een verstoringsdiepte vanaf 30 cm -mv. Voor categorie 4 geldt een onderzoeksplicht bij bodemingrepen met een oppervlakte groter dan 250 m2 en een verstoringsdiepte vanaf 30 cm -mv. Middels deze kaart heeft de gemeente aangegeven dat de locatie onderzoeksplichtig is. Op de geomorfologische kaart is het plangebied niet ingetekend vanwege de ligging binnen de bebouwde kom. Op de archeoloandschappelijke eenhedenkaart is te zien dat het plangebied in zijn geheel op dekzandwelvingen wordt verwacht. Deze verwachting is ook binnen het AHN duidelijk te zien. Het plangebied ligt zelf op een relatief hoog gelegen deel binnen het landschap met duidelijk microreliëf binnen het plangebied zelf. De ligging van het plangebied op dekzandwelvingen, met op een afstand van circa 850 ten oosten de waterloop van de gegraven en (later) gekanaliseerde Leijgraaf. Hierdoor valt het plangebied buiten de gradiëntzone van de Leijgraaf waardoor het niet direct een aantrekkelijke vestigingslocatie voor jagers-verzamelaars zal zijn geweest. Ten oosten van het plangebied ligt een dekzandrug direct langs de loop van de Leijgraaf met enkele clusters van vondsten uit zowel de steentijd als ook de latere sedentaire samenlevingen. Deze vondsten liggen binnen hetzelfde (hoge) dekzandcomplex en op een grotere afstand ten noordoosten alsook ten zuidoosten van het plangebied. Vanwege deze redenen wordt een middelhoge verwachting opgesteld voor vondsten uit de periode laat paleolithicum tot en met het mesolithicum. Voor de latere sedentaire samenlevingen zullen dezelfde redenen ervoor gezorgd hebben dat het plangebied geen ideale vestigingslocatie zal zijn geweest. Er kan echter zeker niet worden uitgesloten dat er bewoning is geweest gedurende deze perioden. Vanwege deze redenen wordt een middelhoge verwachting opgesteld voor de periode laat-neolithicum tot en met de middeleeuwen. Het plangebied ligt aan de Nieuwe Veldenweg ten noorden van de historische kern van Mariaheide. Ten oosten van het plangebied staan twee gebouwen ingetekend. Het plangebied zelf blijft onbebouwd tot aan de 20e eeuw. In de bredere omgeving, circa 600 meter ten noord- en zuidoosten, zijn nederzettingsresten aangetroffen uit de (late) middeleeuwen. Direct ten zuidoosten van het plangebied heeft een schuilkerk gestaan voor de katholieken, deze is later gebruikt als een schoolgebouw. Direct ten noorden van het plangebied lag de spoorlijn het ‘Duits Lijntje’. Op basis van deze gegevens geldt voor het plangebied een middelhoge verwachting voor de periode hoge – late middeleeuwen en een hoge verwachting voor de nieuwe tijd. Op basis van het uitgevoerd verkennend veldonderzoek middels boringen kan worden gesteld dat de bodemopbouw in het noordoostelijk deel van het plangebied bestaat uit (deels) intacte laarpodzolgronden. Hierdoor is de kans groot dat archeologische resten in de ondergrond kunnen worden aangetroffen. De in het vooronderzoek opgestelde archeologische verwachting (middelhoog voor laat-paleolithicum –late middeleeuwen en hoog voor late middeleeuwen - nieuwe tijd) blijft dan ook voor dit deel gehandhaafd. De bodemopbouw ter plaatse van het erf bestaat uit een AC-profiel en is diepgaand verstoord. Op basis van deze gegevens is de middelhoge archeologische verwachting ter plaatse boringen 1, 2, 3 en 5 voor het aantreffen van archeologische resten voor de perioden (laat-paleolithicum –late middeleeuwen) bijgesteld naar laag. De hoge verwachting voor de periode late middeleeuwen – nieuwe tijd wordt bijgesteld naar laag. Ter plaatse van deze boringen wordt geen archeologisch vervolgonderzoek noodzakelijk geacht. De resultaten van dit onderzoek dienen getoetst te worden door de bevoegde overheid (gemeente Meierijstad), die op basis van het uitgebrachte advies een besluit zal nemen. Wij willen de opdrachtgever erop wijzen dat dit selectieadvies nog niet betekent dat er al bodemverstorende activiteiten of daarop voorbereidende activiteiten kunnen worden ondernomen. Het uitgevoerde onderzoek is verricht conform de gestelde eisen en gebruikelijke methoden. Het onderzoek is gericht op het inzichtelijk maken van de toestand van het bodemarchief. Hiermee kan de beschadiging, dan wel vernietiging, als gevolg van de voorgenomen verstoring van een mogelijk aanwezig bodemarchief tot een minimum worden beperkt. Dit rapport is in april 2024 verstuurd naar de opdrachtgever om het ter goedkeuring voor te leggen aan de bevoegde overheid (gemeente Meierijstad). Hier is nooit een reactie op ontvangen. Aangezien de tweejaarstermijn is verstreken, is besloten om dit rapport in Archis te uploaden zonder het selectiebesluit toe te voegen.